Spring naar content

Geveltuinen

Een geveltuin is een langgerekt tuintje, direct grenzend aan een voor-, achter- of zijgevel. De tuintjes zijn leuk om te zien. Saaie straten krijgen meer kleur dankzij groene of fleurige geveltuintjes. Geveltuintjes hebben nog meer voordelen. Ook een kleine groene tuin  houdt water in de bodem vast en zorgt in de dorpskernen op extreem warme dagen voor een koeler klimaat. Elke tegel die vervangen wordt door groen, scheelt weer!  

Zo’n klein tuintje is ook nog eens goed voor vogels en insecten. Zeker als er veel (inheemse) bloeiende planten in staan. Gemeente Hoeksche Waard staat de aanleg van geveltuintjes dan ook toe. Een geveltuintje aanleggen is niet moeilijk. Hieronder kunt u vinden hoe u een geveltuin op de juiste manier aanlegt.

Hoe leg ik een goede geveltuin aan?

Het is niet moeilijk om een geveltuin aan te leggen. Er zijn wel een paar spelregels waar u zich aan moet houden. Bekijk de spelregels voor het aanleggen van een geveltuin in de uitklapmenu’s.

Volg bij het aanleggen van de geveltuin deze stappen:

  1. Verwijder een rij tegels langs uw gevel. Het tuintje mag maximaal 1 tegel breed zijn, dat is 30 centimeter.  De tegels die u verwijdert, kunt u gebruiken om een mooie rand voor de geveltuin mee te maken.
  2. Schep het zand weg tot maximaal 40 centimeter diep. Zet de verwijderde tegels uit stap 1  rechtop om daarmee een rand te maken.  
  3. Schep bemeste tuinaarde in het gat.
  4. Zet plantjes naar keuze in de tuinaarde. Het is voor vogels en insecten fijn als dat plantsoorten zijn die hier van nature voorkomen.
  5. Begiet de plantjes met voldoende water. Het is in droge periodes en op warme dagen goed om de plantjes in uw geveltuintje extra water te geven. Bekijk de onderhoudstips in het laatste uitklapmenu.

Voor de aanleg van een geveltuintje heeft u geen toestemming van de gemeente nodig, maar er zijn wel spelregels. Let bij de aanleg van uw geveltuintje daarom op het volgende:

  • Een geveltuintje mag niet aan een bestaande tuin grenzen.
  • In verband met eventueel aanwezige leidingen of kabels, mag het tuintje maximaal 40 centimeter diep zijn. Graaf de grond zo voorzichtig mogelijk uit om schade aan kabels of  leidingen te voorkomen.
  • Is er genoeg ruimte om een geveltuintje aan te leggen? Let op de breedte van het tuintje: een geveltuintje is maximaal 30 centimeter breed en er moet in totaal minimaal 120 centimeter loopruimte op de stoep overblijven. Op die manier kan iedereen nog gebruikmaken van de stoep.
  • Vanwege aanwezige kabels of leidingen mag u geen bomen of grote struiken in uw geveltuintje neerzetten. Hun wortels komen te diep in de grond en kunnen de kabels en leidingen beschadigen.
  • Onderhoud is belangrijk: overhangend groen moet op tijd worden teruggesnoeid en de beplanting mag nooit het zicht op verkeersborden, elektriciteitskastjes of straatborden wegnemen.
  • De geveltuin blijft openbare ruimte
  • Er mag geen afrastering/hekwerk worden aangebracht rondom de geveltuin;
  • Mocht er bij of na de aanleg van het geveltuintje schade ontstaan, dan moet u die zelf oplossen en vergoeden.
  • U verkoopt uw huis, of er komt een andere bewoner in? Als de nieuwe bewoner het geveltuintje niet wil, moet u de stoep en de gevel weer in de originele staat terugbrengen.
  • Huurders vragen uiteraard toestemming aan de eigenaar van het pand, voordat zij een geveltuintje aanleggen.
  • Het afgegraven zand en de tegels die u niet gebruikt moet u zelf en op eigen kosten verwijderen.
  • Als de gemeente of nutsbedrijf werkzaamheden moeten uitvoeren aan kabels en leidingen, stoep of overige onderdelen van de openbare ruimte, onder of in de buurt van de geveltuin, dan draagt de gemeente en/of het nutsbedrijf geen verantwoordelijkheid voor beschadigingen of een tijdelijke verwijdering van de geveltuin en de aanwezige beplanting;
  • Als de geveltuin niet goed wordt verzorgd kan de gemeente eisen dat de geveltuin wordt verwijderd of kan de geveltuin op kosten van de bewoner verwijderd worden.
  • Let bij de aanschaf van planten op of uw geveltuin vooral in de zon of juist in de (half)schaduw ligt.
  • Sommige planten bloeien alleen als ze veel zon krijgen, andere doen het juist beter in de schaduw
  • Langs een gevel blijft het vrij droog en loopt de temperatuur hoger op door weerkaatsing van warmte tegen de gevel. Geef de planten daarom regelmatig water
  • Vogels houden van dichte beplanting en (nuttige) insecten overwinteren tussen dode blaadjes en takken. Ruim daarom dood blad/ snoeiafval waar het kan niet meteen op.  Bij een bloemenweide dient u het snoeiafval of maaisel wel op te ruimen, want daar is een voedselarme bodem gewenst.
  • Snoei bessenstruiken in de winter of in het vroege voorjaar, nadat de vogels de bessen hebben opgegeten en voordat zij gaan broeden (half maart).
  • Denk aan het openhouden van uw ventilatieroosters
  • Snoei overhangende takken bijtijds
  • Het weghalen van onkruid en zwerfvuil hoort bij het onderhoud van uw geveltuin
  • Bemest uw geveltuin af en toe met natuurlijke mest. Dit bevordert de groei. Met uitzondering van een bloemenweide. De aarde voor een bloemenweide moet namelijk schraal en voedselarm blijven.

Wilt u nog meer tips? Bekijk het pdf-document met tips voor onderhoud.